Bijbelse verhalen komen vaak voor in de Italiaanse kunst. Zoals het verhaal van Judith, die haar volk redt door de legeraanvoerder Holofernes in zijn eigen tent te doden. Het eerste schilderij met dit thema dat ik bewust zag, was Judith onthoofdt Holofernes van Caravaggio, misschien wel de beroemdste (en heftigste!) verbeelding van het verhaal van Judith en Holofernes. Maar er zijn er veel meer, en elke kunstenaar legt haar nét weer even anders vast. In deze blog neem ik je mee langs een paar van de meest intrigerende Judiths in Italië, van Renaissance tot Barok.

De Judith van Caravaggio
Op Judith onthoofdt Holofernes van Caravaggio zie je Judith en haar dienstmaagd Abra. Judith heeft een zwaard op Holofernes’ keel gezet. Holofernes wil schreeuwen, zijn ogen wijd open, bloed stroomt. De kracht van het werk zit ’m in het feit dat Caravaggio niet het moment voor of na de daad toont, maar precies het moment zelf. En met zijn beroemde scherpe licht-donkercontrast (chiaroscuro) leidt hij de aandacht daar feilloos naartoe. Je kunt niet wegkijken, al zou je willen.

Het verhaal van Judith en Holofernes
Caravaggio schilderde het doek in 1598-1599, maar het verhaal zelf is veel ouder. Het is een oud bijbelverhaal uit het Boek Judith. De Assyrische generaal Holofernes heeft de stad Bethulia belegerd. Als de inwoners op het punt staan zich over te geven, besluit de jonge rijke weduwe Judith het vijandelijke kamp binnen te gaan. Met haar schoonheid en intelligentie wint ze het vertrouwen van Holofernes, die zich tijdens een feestmaal in een roes drinkt. Als hij in slaap is gevallen, grijpt Judith zijn eigen zwaard en hakt daarmee zijn hoofd af. Ze neemt het hoofd mee terug naar de stad, en het vijandelijke leger slaat op de vlucht. Bethulia is gered.
Renaissance – rust en beheersing
Lang vóór Caravaggio kreeg Judith al een plaats in de Italiaanse kunst. Tussen 1457-1464 maakte Donatello zijn bronzen Judith en Holofernes. In dit geval toont het beeld het moment vlak vóór, of tijdens, de beslissende slag. Judith staat rechtop, met opgeheven zwaard. Holofernes ligt weerloos aan haar voeten. In Florence kreeg het beeld al snel een politieke betekenis. Na de verdrijving van de Medici uit de stad in 1494 werd het een symbool van vrijheid.

Bij Sandro Botticelli ziet het verhaal er weer anders uit. In De terugkeer van Judith naar Bethulia (ca. 1472) is het geweld al voorbij. Judith loopt rustig door het landschap, met naast haar Abra, die het hoofd van Holofernes discreet met zich mee draagt in een mand. Hier geen bloed, geen schreeuw, alleen stilte.
Een ander Judith-schilderij van Botticelli is Judith met het hoofd van Holofernes, gemaakt tussen circa 1497 en 1500. Hierop is Judith te zien op het moment dat ze uit de tentopening stapt, met het zwaard in haar rechterhand en de afgehouwen kop in de linkerhand.

Plafondfresco in de Sixtijnse Kapel
Ook op het plafond van de Sixtijnse Kapel in Rome ontbreekt Judith niet. Michelangelo nam Giuditta e Oloferne (ca. 1508) op in zijn monumentale frescocyclus, in een van de vier hoeken.


Barok – emotie, bloed en kracht
In de zeventiende eeuw verandert de toon. Barokkunstenaars zoeken naar maximale emotionele impact, en deinzen niet terug voor geweld. Caravaggio zette de standaard, maar de versies van Artemisia Gentileschi zijn al net zo indrukwekkend. In haar bekendste schilderij Judith onthoofdt Holofernes werken Judith en haar dienstmaagd samen. Ze gebruiken hun volle kracht om Holofernes in bedwang te houden. Er zijn twee sterk op elkaar lijkende versies van dit schilderij (de kleur van Judiths jurk is het grootste verschil). De eerste versie, circa 1612-1613, bevindt zich in de collectie van het Museo Nazionale di Capodimonte in Napels. De latere versie, uit circa 1620, is in het bezit van het Uffizi in Florence.


Judith en haar dienstmeid
Er is ook een minder gewelddadig Judith-schilderij van Artemisia: Judith and her Maidservant, dat tot de collectie van de Galleria Palatina in Florence behoort.

Artemisia’s vader, Orazio Gentileschi, schilderde eerder een vergelijkbare scène: Judith en haar dienstmeid met het hoofd van Holofernes (1608-1609). Dit werk was begin 2020 te zien op de expositie Caravaggio-Bernini, Barok in Rome in het Rijksmuseum Amsterdam, en komt uit de collectie van het Nasjonalmuseet in Oslo. Overigens wordt er inmiddels getwijfeld of Orazio daadwerkelijk degene is die dit werk heeft geschilderd.

Op Giuditta con la testa di Oloferne van de Florentijnse kunstschilder Cristofano Allori (gemaakt tussen 1610 en 1612) toont Judith het afgehakte hoofd aan de kijker. Bijzonder detail: Allori beeldde zichzelf af in het hoofd van Holofernes, en zijn geliefde Mazzafirra als Judith.

Waar kun je Judith en Holofernes in Italië zien?
Wil je deze dramatische scènes in het echt bekijken? Dan kun je onder meer hier terecht:
FLORENCE
Palazzo Vecchio – het bronzen beeld Judith en Holofernes, Donatello
Galleria degli Uffizi – De terugkeer van Judith naar Bethulia, Sandro Botticelli; en Judith onthoofdt Holofernes (1620), Artemisia Gentileschi
Palazzo Pitti (Galleria Palatina) – Giuditta con la testa di Oloferne (1610-1612), Cristofano Allori; en Judith and her Maidservant (circa 1615), Artemisia Gentileschi
ROME
Palazzo Barberini (Galleria Nazionale d’Arte Antica) – Judith onthoofdt Holofernes, Caravaggio
Musei Vaticani (Sixtijnse Kapel) – plafondfresco, Michelangelo
NAPELS
Museo Nazionale di Capodimonte – Judith onthoofdt Holofernes (1612-1613), Artemisia Gentileschi
De overige genoemde werken bevinden zich in musea buiten Italië:
• Judith en haar dienstmeid met het hoofd van Holofernes (1608-1609) van Orazio Gentileschi hangt in het Nasjonalmuseet in Oslo.
• Judith met het hoofd van Holofernes (1497-1500) van Botticelli maakt deel uit van de collectie van het Rijksmuseum in Amsterdam, maar wordt – helaas! – niet permanent tentoongesteld.
En natuurlijk zijn er nog veel meer Italiaanse kunstwerken met het Judith-thema, ook bijvoorbeeld in keramiek. Zoals het achttiende-eeuwse bord (zie onder) uit de collectie van het Museo della Ceramica in Savona, Ligurië.




